We verbouwen wat af. De coronapandemie zorgt voor een run op alle bouwmarkten. Achterstallige klusjes zijn in de intelligente lock-down opgepakt en uitgevoerd. Veel klussen in en rond het huis zijn herkenbaar voor velen: een nieuwe erfafscheiding/schutting, de aanbouw, de serre, het tuinhuis, de dakkapel en de carport. Allemaal projecten die we als huiseigenaar wel eens tegenkomen. in de regel voeren we dit privé gewoon uit, maar wat zo nu en dan vergeten wordt is dat ook voor deze kleinschalige projecten wel een vergunning nodig kan zijn. Hieronder leggen we uit hoe het zit met de vergunningplicht en vergunningsvrij bouwen.

‘De Vergunning’

Om te beginnen is het belangrijk om te weten dat er niet zo iets bestaat als ‘de vergunning’. Er kunnen meerdere vergunningen voor verschillende activiteiten nodig zijn. Een voorbeeld: van oudsher wordt de ruimtelijke ordening geregeld via een bestemmingsplan. Er zijn bestemmingsplannen die op locaties regels stellen aan de maximaal bebouwde oppervlakken van een perceel. In de regel is een maximaal bebouwingspercentage voor een perceel voor de bestemming ‘wonen’ van 60% heel normaal. Dit is belangrijk voor het realiseren van tuinhuisjes, schuren en serres. Regels die bij jou in de straat en in de omgevig gelden, zijn terug te vinden op www.ruimtelijkeplannen.nl. Bestemmingsplannen stellen ook vaak regels aan de maximale hoogte van bouwwerken en erfafscheidingen.

Afwijken van deze regels kan alleen als hiervoor toestemming is gegeven door de gemeente. Dit wordt gedaan via een omgevingsvergunning.

Bouwwerken zijn ook omgevingsvergunningplichtig voor het bouwen ervan (de oude bouwvergunning). In deze vergunning wordt gekeken of het bouwwerk dat je wilt bouwen voldoende sterk is, of de (constructieve) veiligheid in orde is en of het plan in de omgeving past (de welstandstoets). Er is een stapel uitspraken door rechters gedaan over of iets een bouwwerk is of niet. Een bouwwerk wordt niet in de wet gedefinieerd. In de model-bouwverordening is wel de volgende definitie opgenomen:

Elke constructie van enige omvang van hout, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.

Deze definitie is opgebouwd uit vier delen die je als volgt moet lezen:

De Constructie

Een constructie is alles wat herleidbaar uit twee of meer delen is samengevoegd (ook wel aangeduid als een driedimensionaal object). De uitleg dat hiermee tweedimensionale objecten (bijvoorbeeld een weg) geen constructie is deel ik verder niet. Dat zou namelijk betekenen dat schuttingen en toegangspoorten geen constructie zijn en dus geen bouwwerk zijn. Dat zou ook betekenen dat ze niet vergunningsplichtig zijn. Er zijn meerdere gevallen bekend waarin hiervoor gewoon vergunningen zijn aangevraagd en verkregen.

Enige omvang

Er is geen exacte maat bij het begrip ‘enige omvang’ aan te geven. Het is gebruikelijk dat alles kleiner van 2 m2 als niet van ‘enige omvang’ beschouwd. Boven 2 m2 kan het dus zijn dat je een vergunning nodig hebt.

Direct of indirect steunen in of op de grond

Een bouwwerk dient direct in of op de grond te steunen. Dat betekent dat een boot die vaart op het water niet op of in de grond steunt. Een boot die dient als woonboot en is die verankerd aan de wal kan wel worden bestempeld als een bouwwerk.

Ter plaatse functioneren

Een bouwwerk ‘functioneert ter plaatse’ als het 31 dagen ter plaatse in gebruik is. Hiermee zijn mobiele objecten (frietkramen, woonwagens) bouwwerken, als deze plaatsgebonden zijn. De termijn van 31 dagen is meestal geen heel hard criterium. 

Als je deze criteria toepast op allerhande projecten die je in en aan je eigen huis kunt realiseren dan kom je al snel tot de conclusie dat aanbouwen, serres, dakkapellen, tuinhuisjes, garages en carports bouwwerken zijn waarvoor een vergunning nodig is.

De doolhof van vergunningenland | Allios Deite

De doolhof van vergunningenland

Vergunningsvrij bouwen

De wet heeft, om te voorkomen dat vergunningverleners overladen worden met aanvragen, bepaald dat sommige categorieën bouwwerken vergunningsvrij kunnen worden gerealiseerd. Het gaat dan vooral over relatief eenvoudige bouwwerken die redelijk gestandaardiseerd kunnen worden gebouwd. Welke bouwwerken precies vergunningsvrij gebouwd kunnen worden, staat in het Besluit omgevingsrecht (bijlage II artikel 2). Voorbeelden zijn 

  • een dakkapel (onder voorwaarden)
  • een erfafscheiding (onder voorwaarden)
  • zonnepanelen (onder voorwaarden)

Het vergunningsvrij kunnen realiseren van objecten betekent niet dat deze helemaal niet aan regels hoeven te voldoen. Regelgeving uit het Bouwbesluit 2012 is nog steeds van toepassing.

Voorwaarden die verbonden zijn aan het vergunningsvrij kunnen realiseren van objecten zijn meestal het gevolg van regels die door de gemeente zijn vastgesteld. Deze kunnen dus per gemeente verschillen. Veel voorwaarden hebben bijvoorbeeld betrekking op de zichtbaarheid vanaf de openbare weg. Dakkapellen kunnen niet vergunningsvrij worden gerealiseerd op basis van het Besluit omgevingsrecht als deze aan de voorkant (de kant van de voordeur) van het dak geplaatst wordt. Reden hiervoor kan een welstandsbelang zijn dat hieraan gekoppeld is.

vragen? neem contact met ons op

Verbouwing of renovatie

Twee belangrijke voorbeelden zijn nog niet aan de orde gekomen: renovatie en verbouwing.

Aanpassingen aan je woning zijn vergunningplichtig zodra

  • er een aanpassing van de draagconstructie bij komt kijken
  • Er een wijziging van de brandcompartimentering in de plannen zit
  • Er een uitbreiding van de bebouwde oppervlakte plaats gaat vinden of
  • Het een uitbreiding van het bouwvolume betreft.

Dat betekent dat bijvoorbeeld een aanpassing in een draagmuur (zoals een extra deur of raam) al snel tot gevolg heeft dat er een vergunning nodig is voor de uitvoering van je plannen.

Ook hier heeft de wet een aantal vrijstellingen op de vergunningplicht opgenomen. Deze zijn terug te vinden in het Besluit omgevingsrecht, ook in Bijlage II artikel 2. Hierin is bijvoorbeeld opgenomen dat normaal onderhoudbaarheid een bouwwerk vergunningsvrij kan worden uitgevoerd zolang dit geen gevolgen heeft voor de detaillering, profilering en vormgeving van dat bouwwerk niet wijzigt.

Kruimelgevallenregeling

Tot nu toe hebben we het gehad over de vergunningplicht van het uitbreiden van een bouwwerk, zoals je huis. Soms zijn de bouwwerkzaamheden vergunningplichtig, maar vallen ze onder de vrijstellingsregeling.

Waar we het nog niet over hebben gehad is de vergunningplicht als gevolg van de regels in het bestemmingsplan. Ook hiervoor heeft de wet een aantal categorieën van bouwwerken aangegeven waarbij relatief eenvoudig vergunning kan worden verleend. De vergunning is dan voor het afwijken van het geldende bestemmingsplan. Dit heeft in de volksmond de term ‘kruimelgevallenregeling’ gekregen en is terug te vinden in het Besluit omgevingsrecht, Bijlage II artikel 4. Bij de meest voorkomende verbouwingen biedt deze regeling meestal geen soelaas, waardoor er dus toch vaak een vergunning nodig is.

Een eigen huis bouwen

Het laatste punt betreft de realisatie van een woning in eigen beheer. Bouwplannen voor de realisatie van een nieuwe woning in eigen beheer worden in eerste instantie getoetst aan het geldende bestemmingsplan. Als het plan voldoet aan de regels van het bestemmingsplan, is er voor dit punt geen vergunning nodig. Als het bouwplan afwijkt van het geldende bestemmingsplan, moet er een vergunning worden aangevraagd. Dit kan enerzijds een zogenaamde binnenlandse vrijstelling zijn. Deze zijn vooral van toepassing op aspecten als een afwijking op de maximaal toegestane bouwhoogte met een ondergeschikt onderdeel van het bouwwerk, bijvoorbeeld een schoorsteen. Een zogenaamde buitenplanse vrijstelling is van toepassing op grotere afwijkingen. Dan moet bijvoorbeeld gedacht worden aan het realiseren van een woning op een locatie waar dit in het kader van de toegestane bestemmingen niet is toegestaan.

Een vrijstelling die hiervoor van toepassing is is de vrijstelling voor het gebruik van gronden of bouwwerken in afwijking van het bestemmingsplan voor de duur van maximaal 10 jaar. Hiervan wordt wel gebruikt gemaakt voor de realisatie van tijdelijke woningen.

Hier is verder nog niet ingegaan op de regels die verbonden zijn aan monumenten, zowel gemeentelijk als rijksmonumenten. Tevens is nog niet aangegeven dat naast de generieke vrijstellingen die volgen uit het Besluit omgevingsrecht er ook nog lokaal verder vrijstellingen kunnen zijn geformuleerd.